Vluchtelingen

shutterstock_282092930

Europa ruziet over vluchtelingen. Hoe moeten we in godsnaam veertigduizend vluchtelingen over het continent verspreiden?

Engeland doet al genoeg. Polen heeft een hekel aan vreemden. Oostenrijk wil er wel nul. Net als Hongarije, dat voor de zekerheid een muur om het land heen bouwt. Zeker vergeten hoe dat in 1956 ging toen de Russen daar binnenvielen.

Veertigduizend mensen. Als je ze langs het parcours van een gemiddelde Tour de France-etappe spreidt, staat er elke vijf meter één. Aan één kant van de weg. Zo weinig publiek zouden de renners niet leuk vinden, gewend als ze zijn aan al die uitzinnige hordes dronkenlappen langs de kant.

Nederland tekent voor een stuk of tweeduizend en steekt daar genereus bij af. Zeker waar de voor volk en vaderland afgetreden staatssecretaris Fred Teeven een eerder aanbod van twintig deed.

Lang niet iedereen in ons land is het daarmee eens. Meneer Wilders bevochtigt zijn lippen nog eens, zodat het vuil goed uit zijn bek spuit (laat ze een voorbeeld nemen aan Hongarije, had zijn vrouw hem ’s ochtends nog meegegeven). Op Geen Stijl juichen ze elk bootje met ‘dobbernegers’ dat de overkant niet haalt van harte toe. Vrijheid van meningsuiting, immers. Op StandpuntNL lucht het gewone volk zijn hart; nee, zijn haat. Als ze het er al mee eens zijn, is het om Italië te helpen – Griekenland heeft het verbruid – en niet voor de mensen die vluchten voor geweld, oorlog of honger.


Vluchtelingen opvangen is een mensenplicht. Ja, een plicht. Dat is een moeilijk woord in een land waar mensen meestal alleen denken aan rechten opeisen. Leuk is het misschien niet, als er nog meer vreemdelingen naar dit land komen. Maar met een goede spreiding over het land, zullen we van die tweeduizend weinig merken. Zeker niet als we ze nou eens niet onderbrengen in de binnensteden waar het toch al overbevolkt is, maar in de gemeenten Wassenaar, Bloemendaal, Aerdenhout en Laren. En Heemstede.